Paardentraining Het Belang van een Goede Training Deel 2

Paardentraining het Belang van goede training, deel 2.

Paardentraining, in de academische rijkunst wordt vooral en met name gekeken naar de anatomie/biomechanica van het paard. Om het paard gezond te houden terwijl we er graag mee willen gaan rijden zullen we rekening moeten houden met de natuurlijke bouw. En een aantal zaken niet moeten negeren. Paard in Balans kijkt dan ook secuur naar hoe jouw paard in elkaar zit qua bouw. Uiteraard ook naar het karakter maar in dit artikel wil ik graag de biomechanica van het paard bespreken en hoe je deze kennis mee kunt nemen in je training. Er zijn ontzettend veel verschillende meningen over hoe je een paard moet rijden. Over het algemeen is iedereen het in theorie eens met dat het paard nageeflijk moet zijn en je paard ‘over de rug moet gaan’ maar in de praktijk zien we toch wel heel veel verschillende interpretaties hiervan.

Ervaring Paardentraining

In de afgelopen jaren heb ik het voorrecht gehad om diverse combinaties les te mogen geven. Wat mij opviel is dat bij het merendeel van deze paarden een fysiek probleem ten grondslag lag waardoor men ‘vastliep’ in de paardentraining. Met name rugproblemen op zichzelf staand of die zich verder uitte door compensatie in diverse blokkades elders in het lichaam en zelfs blessures in benen en of schouders ten gevolge hiervan en vaak ook gedragsproblemen.

Het bleek (helaas) in de meeste gevallen dat deze problemen ontstaan waren door verkeerde paardentraining. Uiteraard niet bewust maar omdat men simpelweg de kennis nooit aangereikt heeft gekregen hoe het anders kan. Om deze (rijtechnische) problemen op te lossen leerde ik de ruiters en amazones om hun paarden eerst voorwaarts neerwaarts te rijden. In de meeste gevallen eerst vanaf de grond, zodat het paard onbelast de kans krijgt om naar deze houding te komen.

Een paard zal in eerste instantie zijn rug nl aanspannen zodra er een ruiter op gaat zitten. Het kan dan soms lastig zijn om het paard te vragen de rug te ontspannen terwijl een ruiter op zijn rug zit. Het streven naar deze voorwaarts neerwaartse houding met maximale halslengte is het belangrijkste element in je paardentraining om je paard gezond te houden! De schoftlift die hieruit kan ontstaan is van enorm belang. Hierdoor kan het paard de ruiter dragen zonder in de problemen te komen wat betreft zijn rug.

Leren

Eenmaal geleerd dan kunnen we het paard vragen met dezelfde houding meer opwaarts te komen zodat hij lengte houdt in de oprichting. Wat gebeurd er dan in deze houding zul je je afvragen? Door de bovenlijn van het paard loopt een ligament. Een ligament is een sterk elastische band van bindweefsel met weinig doorbloeding. Het ligament nuchae loopt vanaf de nek naar de doornuitsteeksels van de schoft. Dit ligament zit een keer aangehecht en loopt helemaal tot aan de laatste lendenwervel. Dit ligament heet ligament supraspinale. Door eerst deze ligamenten aan te spreken door ze op rek te brengen door de voorwaarts neerwaartse beweging ontstaat er een schoftlift. Deze schoftlift is nodig om de ruiter goed te kunnen dragen.

Borstspieren

Echter hierbij zul je ook zijn borstspieren aan moeten spreken! Het is de combinatie van spieren die ervoor zorgt dat hij dus correct gaat bewegen!! Hij zal dan zijn borstkast liften tussen zijn schouders zodat deze niet overbelast worden.

Buikspieren

Om tot deze schoftlift te komen is er ook een goed actief achterbeen nodig die onder het zwaartepunt kan komen.

Deze komt weer tot stand als hij zijn buikspieren aanspreekt. Een deel van deze buikspieren zit nl aan zijn heupbeen vast die bij aanspanning ervoor zorgt dat het bekken gaat kantelen. Deze kanteling zorgt er dan weer voor dat het achterbeen verder onder het zwaartepunt kan stappen, de schoft omhoog komt en de lange rugspier wordt opgerekt. In het hele proces is het dus van belang dat het paard in zijn geheel gaat bewegen. Je kunt het al snel erg fout doen door bijvoorbeeld het paard in twee stukken te rijden. Door bijvoorbeeld alleen het nekligament op rek te brengen door hem in een valse knik of rollkur te rijden, rijd je hem in twee stukken. Van belang is dat je het paard in zijn geheel leert laten bewegen vooral onder het zadel.

Onderstaand de valse knik;

En op deze afbeelding de rollkur

Beide Gevallen

In beide gevallen krult het paard als het ware zijn hals op maar hierdoor worden zijn rug en borstspieren niet aangesproken. Alleen het nekligament komt op rek maar het rugligament doet niet mee. Los van het feit dat de halswervels niet vrij meer kunnen bewegen en enorm onder druk komen te staan kan het paard de rest van zijn lijf dus ook niet goed gebruiken. Hij houdt zijn rug strak waardoor het bekken niet in de goede richting kan kantelen en zijn achterbenen achter de massa geplaatst worden ipv eronder.Verder is het zo dat het paard geen sleutelbeen heeft. Zijn borstkast hangt met pezen en spieren tussen de schouderbladen in. Op het moment dat het paard bergopwaarts loopt loopt een paard met zijn schoft omhoog gedrukt.

Dit wordt mogelijk gemaakt door een aanspanning van de spieren waar de borstkast in hangt en waar de schouderbladen met de voorbenen aan vast zitten. Een heel belangrijke spier hierin is de pectorale band die we al in het hoofdstukje ‘borstspieren’ tegenkwamen. Deze grote borstspier ligt laag tussen de voorbenen en draagt voor een groot deel de voorhand. Op het moment dat deze spier wordt aangespannen wordt de borstkast omhoog gedrukt en daarmee ook de schoft. Het zal inmiddels duidelijk zijn dat alle ligamenten, spieren en pezen met elkaar samen moeten werken om tot een gezonde houding te komen.

Verdere gevolgen

Door aanspanning van de lange rugspier onder het zadel volgen meer problemen in het lichaam van het paard. Als hij zijn lange rugspier nameijk niet kan ontspannen zal hij één voorbeen meer belasten. Doordat het zwaarteput boven dit been komt te liggen. Met het ruitergewicht erbij zal dit been dus enorm veel gewicht moeten incasseren. Waar de kwetsbare voorbenen absoluut niet op gebouwd zijn. Peesblessures en artrose in de aanwezige gewrichten in dit been liggen dan om de hoek. Ook is het onmogelijk om zijn achterbeen onder te laten treden omdat hij zijn bekken niet in de goede richting kan kantelen. Doordat de lange rugspier die strak staat het bekken juist vasthoudt. In veel gevallen ontstaan problemen in het lage rug ( lenden) gebied en of in het SI gewricht.

Voorwaarts Neerwaartse Tendens

Het mag inmiddels duidelijk zijn dat de lange rugspier op lengte brengen stap 1 is om je paard duurzaam te trainen. In de voorwaarts neerwaartse tendens met de neus naar voren zodat maximale lengte ontstaat krijgt en het skelet voldoende ruimte heeft om vrij te bewegen. Maar dus niet alleen de lange rugspier is belangrijk om te trainen, ook de buikspieren en borstspieren spelen een belangrijke rol. Zodoende kunnen we steeds beter voor elkaar krijgen dat een paard met ruggebruik bergop gaat lopen. Dit proces kost alleen wel veel tijd, vooral bij paarden die niet bergop zijn gebouwd. Alles wat ze niet van moeder natuur hebben meegekregen moet je dus meer moeite voor doen om voor elkaar te krijgen. In onderstaande afbeeldingen kun je goed zien welke houding nodig is om te voorkomen dat het paard in de problemen komt.

De voorwaarts neerwaarts gestrekte bovenhalslijn heft via het nekligament de rug in de gewenste positie. Zodat de lange rugspier ontspannen kan werken en vrij kan blijven bewegen. Afijn, een paard correct trainen is nog zo makkelijk niet en vraagt een stuk kennis van anatomie en biomechanica. Mocht je eens hier meer over willen weten. Of wil je graag lessen volgen om te leren hoe ook jouw paard gezond en blij te houden. Neem dan gerust eens contact met mij op.


Paard in Balans
Jolenta van Haaften

Jolenta van Haaften

Jolenta van Haaften

Laat Reactie Achter